Media Corner

03. November 2008

Brusselse Serviërs over de toekomst van hun moederland

Brussel - Servië heeft dit jaar zijn Stabilisatieakkoord met de Europese Unie getekend. Daarmee heeft het Balkanland de deur naar de toetreding iets meer opengezet. Maar vooraleer de eigenlijke toetreding een feit is, zal er nog intensief gewerkt moeten worden. Enkele Serviërs die in de hoofdstad wonen en werken, dromen alvast luidop van een Europese toekomst. Source:Brusselnieuws (Christophe Degreef © Brussel Deze Week )

Onze zoektocht naar Serviërs met vaste stek in Brussel beginnen we in het Serbian Institute for Public Democracy, een lobbygroep onder leiding van model Borka Tomic in de Brusselse Pascalstraat, vlakbij de Europese instellingen.

"We zijn een lobbygroep, maar onze activiteiten beperken zich niet enkel tot traditioneel lobbywerk," vertelt Tomic. "Je zou kunnen zeggen dat we een reclamebureau zijn. Een reclamebureau dat in de eerste plaats de Europese link met Servië wil benadrukken, maar ook investeerders wil aantrekken naar ons land. De nadruk ligt op vier thema's: economie, politiek, toerisme en diaspora." Dat laatste blijkt belangrijk, want in België wonen om en bij de 15.000 Servische staatsburgers.

Trots
Servië had in het verleden niet echt zijn imago mee. Borka Tomic kan er van meespreken. "Je zag vorig jaar duidelijk dat de media wereldwijd het ergste hadden verwacht bij de onafhankelijkheid van Kosovo. Alsof de boel opnieuw ging ontploffen. Wat dus niet is gebeurd." (Kosovo was tot februari 2008 officieel een Servische provincie onder VN-bestuur. Tot de Albanese meerderheid eenzijdig de onafhankelijkheid uitriep, die trouwens niet door Servië en Rusland wordt erkend, red.)

Toen Tomic drie jaar geleden naar België kwam, vond ze Brussel een grijze en saaie stad. Ondertussen is dat beeld sterk bijgekleurd. "Je kan hier enorm veel ontdekken, maar je moet goed zoeken," klinkt het steevast. Tomic houdt zich bezig met modellenwerk, maar is eigenlijk professor in de Engelse taal en literatuur. Na haar studie in de Servische hoofdstad Belgrado verkaste ze naar Parijs, waar ze ook nog een Masterdiploma Business Communication behaalde. En uiteindelijk Brussel dan. Maar de band met haar geboorteland blijft sterk. "We moeten mensen kunnen verbazen als we ons land promoten. Daarom kiezen we resoluut voor de toekomst, maar proberen we toch onze oude cultuur te behouden."

Zoals de meeste Serviërs is Tomic trots op haar afkomst. Ergens is dat begrijpelijk. Na een bijzonder moeilijke periode in de jaren 1990 te hebben meegemaakt - het regime van voormalige president Slobodan Milosevic, de oorlog in Kosovo en jarenlange economische recessie - begint het land uit het dal te kruipen. De verkiezingen verlopen democratisch, de levensstandaard stijgt en het pad naar lidmaatschap van de Europese Unie (EU) ligt open. Of toch niet?

Roksanda Nincic, ambassadrice van de Servische EU-missie, meent dat het toch nog even kan duren vooraleer het zover is. "De doelstelling voor kandidaatschap is voor ons nog altijd 2009. In tussentijd komt het er echter vooral op aan om zo goed mogelijk ons huiswerk te maken. Het proces van toetreding geeft immers veel frustraties omdat het zo tergend traag gaat en er enorm hard gewerkt moet worden om de Europese normen te halen. Europa heeft trouwens een afkeer van data: we weten nooit zeker wanneer we nu officieel kandidaat-lid van de Unie kunnen worden, laat staan toetreden. Toch is ruim twee derde van de Servische bevolking enthousiast over de mogelijke toetreding. Dat mag ook eens duidelijk gezegd worden," aldus Nincic.

Samenwerken
De missie, gelegen op de Emile Demotlaan in Brussel, dient vooral voor contacten, debatten, uitwisselingen en diplomatiek overleg met de Raad van Europa en het Europees parlement. Een proces dat loont, maar lang kan aanslepen. "Zo werkt het nu eenmaal. We zijn trouwens niet het enige land dat wil toetreden tot de Unie. Er zijn er genoeg die in hetzelfde schuitje zitten. Met onze buurlanden Macedonië, Bosnië-Herzegovina en Kroatië proberen we trouwens zoveel mogelijk samen te werken. We hebben allemaal die Europese droom. Wars van alle oorlogen en spanningen in het verleden."

Nincic laat zich toch nog het volgende ontvallen: "Brussel, en met de stad de hele Europese wereld die errond is gebouwd, de aanwezigheid van de hoofdzetel van Europa zeg maar, is een uitdaging. Persoonlijk zie ik de stad dan ook als interessant werkterrein." De ambassadrice was vroeger journaliste voor een gerenommeerd Servisch politiek blad.

Compromis
Aleksandar Mitic, daarentegen, is nog steeds journalist. En wel voor TANJUG, het Servische Belga zeg maar. Mitic heeft bovendien heel wat ervaring opgedaan bij AFP (Agence France-Presse). Hij was onder meer de enige journalist die tijdens de NAVO-bombardementen in Kosovo en Servië in 1999 verslag uitbracht voor een buitenlands persagentschap, rechtstreeks uit het oorlogsgebied. Nu verslaat hij Europese berichtgeving voor het Servische persagentschap en zit hij achter het initiatief Kosovo Compromise, een forum dat diverse standpunten rond de toekomst van Kosovo samenbrengt.

"Ik ken Brussel heel goed. Mijn vader was namelijk een diplomaat van de Servische ambassade hier. Ik ben dus in Elsene naar school geweest en ben hier opgegroeid." Mitic week dan wel uit naar de Verenigde Staten en zijn thuisland om journalistiek te gaan studeren, zijn hart ligt dicht bij Brussel.

Maar wat is nu eigenlijk het beeld van Brussel dat onder de Servische bevolking leeft? Mitic: "De EU heeft er deels voor gezorgd dat Brussel een negatieve connotatie heeft. De stad wordt vereenzelvigd met Europa, en daarmee gepaard: het moeilijke toetredingsproces. Maar je hebt ook wel nieuwsgierigheid. Zo is bijvoorbeeld mijn moeder weg van Brussel (lacht) en komt ze hier heel vaak op bezoek."

Als er een item is waar de meeste Serviërs het moeilijk mee hebben, is het Kosovo. Maar niet zo moeilijk dat dialoog uitgesloten is. De geïnterviewden fietsen alleszins niet om de feiten heen.
"Ik was als journalist actief in Kosovo. Ik heb gezien hoe de Albanese bevolking heeft geleden, en ik heb last gehad met de autoriteiten omdat ik als Serviër daarover rapporteerde. En ik tracht met mijn Kosovo Compromise beide zijden samen te brengen. Maar toch blijf ik erbij: de eenzijdige onafhankelijkheid van Kosovo is geen goede zaak."

Puzzel
"Als journalist stond ik ook op de eerste rij toen het regime van Slobodan Milosevic viel. Daarna ging het beter met Servië, maar toch vind ik dat Europa Servië nog altijd streng behandelt. Nu, ik geef wel toe dat we in een dubbelzinnige situatie zitten: we willen absoluut bij de EU horen, maar we erkennen Kosovo niet als land. Dat maakt het wat moeilijker. Toch denk ik dat Servië pakweg in 2013 klaar is om toe te treden. We hebben de capaciteit en de troeven om sneller vooruit te gaan dan andere Balkanlanden. Ik zie de toetreding als een ontbrekend puzzelstukje dat binnen de Europese puzzel past; de Balkan als laatste Europese regio die er eindelijk mag bijhoren," besluit Mitic lyrisch.

Roksanda Nincic is formeel: "Kosovo en onze Europese wens zijn totaal verschillende dingen, die we ook op verschillende manieren behandelen: hard werken om bij de Unie te kunnen horen, en de onafhankelijkheid aanvechten bij de Verenigde Naties." Bij Borka Tomic weerklinkt dezelfde mening.

Kosovo is om verschillende historische redenen nog altijd een soort van hartland voor Serviërs. Dat gebied zomaar laten gaan, ligt bijzonder moeilijk. Maar anders dan vroeger hoeft de kwestie-Kosovo niet noodzakelijk de toetreding van Servië tot de Europese Unie in de weg te staan. Vroeg of laat komen er in het Europees Parlement toch enkele zitjes bij.

Source:http://www.brusselnieuws.be/artikels/stadsleven/brusselse-serviers-over-de-toekomst-van-hun-moederland


New Europe

eKapija

Stema Guide

UBS